=====Btw die verschuldigd of voldaan is===== - [[Btw die verschuldigd of voldaan is#Aantekeningen|Aantekeningen]] - [[Btw die verschuldigd of voldaan is#Regelgeving|Regelgeving]] - [[Btw die verschuldigd of voldaan is#Jurisprudentie|Jurisprudentie]] - [[Btw die verschuldigd of voldaan is#Literatuur|Literatuur]] ---- ====1. Aantekeningen==== ===1.1 Conclusie Kokott in Zipvit=== 1. Begrip „verschuldigde of voldane btw” in de zin van artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn 89. Voor de verhouding tussen verzoekster (als afnemer) en de belastingdienst is artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn beslissend. In deze bepaling is er sprake van „de btw die [...] verschuldigd of voldaan is”. Gepreciseerd dient te worden welke btw daarmee wordt bedoeld. In casu zou het kunnen gaan om de door Royal Mail (als dienstverrichter) dan wel om de door verzoekster (als afnemer) „verschuldigde of voldane btw”. 90. Aangezien artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn echter ziet op de aftrek van de btw over een in een eerder stadium verrichte prestatie, ligt het antwoord voor de hand. In dit stadium – dat wil zeggen bij de afname van de in een eerder stadium verrichte prestatie door de afnemer – is de btw door slechts één enkele persoon verschuldigd of kan zij door slechts één enkele persoon worden voldaan. Dit is de persoon die het goed levert of de dienst verricht, in casu dus Royal Mail. 91. Of de afnemer btw verschuldigd is dan wel voldoet, hangt uitsluitend af van zijn handelingen in een later stadium – in artikel 168 van de btw-richtlijn is er in dit verband sprake van zijn „belaste handelingen”. Dit wordt – a contrario – bevestigd in artikel 169 van de btw-richtlijn, dat bovendien voorziet in een recht op aftrek voor bepaalde vrijgestelde handelingen in een later stadium. Hieruit volgt dat in dit stadium helemaal niet vaststaat of de afnemer ooit btw aan de staat verschuldigd zal zijn. Evenzo heeft het Hof reeds herhaaldelijk geoordeeld(52) dat ook een onsuccesvolle ondernemer zonder handelingen in een later stadium (dat wil zeggen zonder dat hij ooit btw verschuldigd is geweest, laat staan heeft betaald) aanspraak kan maken op aftrek van voorbelasting. Alleen al om die reden kunnen de bewoordingen van artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn geen betrekking hebben op een dergelijke ondernemer. 92. Behalve bij verlegging van de belastingschuld overeenkomstig de artikelen 194 e.v. van de btw-richtlijn, is de afnemer namelijk geen btw verschuldigd over zijn handelingen in een eerder stadium en kan hij daarover ook geen btw voldoen. De afnemer is civielrechtelijk alleen de prijs verschuldigd voor de levering of dienst. Alleen deze prijs kan hij ook betalen. Die prijs kan een gedeelte bevatten dat overeenkomt met de btw-schuld van de leverancier of dienstverrichter. Dit doet echter niet af aan het feit dat alleen de prijs en geen btw verschuldigd is of voldaan wordt wanneer de afnemer de prijs betaalt. De schuldeiser van de btw is namelijk niet de leverancier of dienstverrichter, maar alleen de staat. 93. Dit vindt steun in de overige bewoordingen van artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn. Daarin is er sprake van „de btw die in die lidstaat verschuldigd [...] is”. De prijs of het daarin verdisconteerde btw-gedeelte is echter niet verschuldigd in een lidstaat, maar jegens de contractpartner. In dit verband wordt het toepasselijke recht of de rechterlijke bevoegdheid bepaald op grond van de contractuele afspraken en niet volgens de btw-rechtelijke plaatsbepalingen. **94. Hieruit volgt dat onder het begrip „verschuldigde of voldane btw” in de zin van artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn – anders dan de Commissie meent – de btw moet worden verstaan die de leverancier of dienstverrichter aan de betrokken lidstaat verschuldigd is of heeft voldaan.** ===1.2 Conclusie Kokott in Wilo=== 51. Artikel 168, onder a), van de btw-richtlijn spreekt in dit verband van de aftrek van „de btw die verschuldigd of voldaan is”. Daarmee wordt gedoeld op de btw die de leverancier aan de staat is verschuldigd of aan de staat heeft afgedragen. In deze situatie is de afnemer geen btw verschuldigd, maar moet hij de overeengekomen prijs aan zijn contractpartner betalen. ---- ===1.3 HvJ in Zipvit=== 37. Uit de rechtspraak van het Hof volgt dat het begrip „verschuldigd” in de zin van artikel 168, onder a), van richtlijn 2006/112 verwijst naar een afdwingbare fiscale verplichting en dus onderstelt dat de belastingplichtige verplicht is om het bedrag van de btw dat hij als voorbelasting wenst af te trekken, te betalen (zie in die zin arrest van 29 maart 2012, Véleclair, C‑414/10, EU:C:2012:183, punt 20). ---- ====2. Regelgeving==== ---- ====3. Jurisprudentie==== ---- ====4. Literatuur==== ----