=====Normale waarde===== - [[Normale waarde#Aantekeningen|Aantekeningen]] - [[Normale waarde#Regelgeving|Regelgeving]] - [[Normale waarde#Jurisprudentie|Jurisprudentie]] - [[Normale waarde#Literatuur|Literatuur]] ---- ====1. Aantekeningen==== Normale waarde / subjectieve maatstaf, objectieve maatstaf: zie betoog CIE in Cooperatieve Aardappelenbewaarplaats ---- ====2. Regelgeving==== Richtlijn 2006/69/EG van de Raad van 24 juli 2006 tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG wat betreft bepaalde maatregelen ter vereenvoudiging van de btw-heffing en ter bestrijding van belastingfraude en –ontwijking en tot intrekking van bepaalde derogatiebeschikkingen, V-N 2006/46.13. ---- ====3. Jurisprudentie==== ===3.1 Jurisprudentieoverzicht=== * Amper metal, C‑334/20 * Hogkullen * [[https://www.vatupdate.com/2024/01/05/new-ecj-vat-case-c-808-23-hogkullen/|ECJ C-808/23 (Högkullen)]] \\ The case is titled Högkullen and has the reference number C-808/23. The application initiating proceedings was lodged on 27/12/2023. The source of the question referred for a preliminary ruling is Högsta förvaltningsdomstolen in Sweden. The subject-matter of the case is taxation, specifically value added tax. \\ **Questions** Is it compatible with Articles 72 and 80 of the VAT Directive to consider, when applying national regulations on revaluation of the tax base, that when a parent company provides its subsidiaries with services of the kind at issue in the case, they are always unique supplies whose market value cannot be determined by such a comparison as provided for in the first paragraph of Article 72? Is it compatible with Articles 72 and 80 of the VAT Directive to consider, when applying national provisions on the revaluation of the tax base, that a parent company’s entire cost mass, including capital acquisition and shareholder costs, constitutes the company’s cost for the services provided to its subsidiaries, when the parent company’s only activity consists of active management of the subsidiaries and the company has made deductions for all included VAT attributable to its acquisitions? \\ The Supreme Administrative Court (HFD) of Sweden has requested a preliminary ruling from the Court of Justice of the European Union (CJEU). The ruling is related to the revaluation of the tax base for value added tax (VAT) purposes for group-wide services provided by a parent company to its subsidiaries. The court has asked whether it is compatible with Articles 72 and 80 of the VAT Directive to consider these services as unique supplies with an undeterminable market value. The court has also asked whether it is compatible to consider the parent company’s entire cost, including capital acquisition and shareholder costs, as the cost for the services provided to its subsidiaries. ---- ===3.2 Aanpassing maatstaf van heffing bij misbruik=== * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2024:359|1Hof Amsterdam, 22 januari 2025, nr. 23/701, ECLI:NL:GHAMS:2024:3591, V-N 2025/11.1.4 (Uitdividenden auto)]] \\ **13.** Naar het oordeel van de rechtbank is in het onderhavige geval sprake van misbruik van recht. Eiseres heeft de auto eind augustus 2014 gekocht. Pas half november 2014, na reparatie van de auto, is met de auto gereden, waarna eiseres de auto reeds begin januari 2015 heeft verkocht aan [DGA] voor een zeer lage prijs, waarover slechts € 164 aan omzetbelasting verschuldigd is. Gelet op dit feitencomplex acht de rechtbank aannemelijk dat het samenstel aan (rechts)handelingen bestaande uit de aanschaf van de auto door eiseres voor een bedrag van € 48.319, de daaropvolgende reparatie ten bedrage van € 18.929, de voor de registratie in Nederland verschuldigde bpm van € 14.640 wat resulteert in een totaalbedrag van € 82.888 (exl. omzetbelasting), het voor slechts een korte tijd zakelijke gebruik van de auto alvorens deze te verkopen aan [DGA] voor slechts € 15.000 (incl. omzetbelasting), gecombineerd met een materiële bevoordeling (de verkapte dividenduitkering) enkel zijn ingegeven door de gedachte om de auto voor een kunstmatig lage prijs aan [DGA] over te dragen en op die manier een belastingvoordeel te verkrijgen. De rechtbank heeft hierbij in aanmerking genomen dat eiseres ook in 2017 en 2018/2019 kostbare auto’s heeft gekocht en binnen afzienbare tijd heeft verkocht aan [DGA] , telkens voor een bedrag van slechts € 15.000. Door op deze wijze te handelen, wordt het particuliere eindverbruik nauwelijks belast, hetgeen in strijd is met het beoogde doel en strekking van de Btw-richtlijn en de Wet OB. \\ **14.** In geval van misbruik van recht moeten de in het kader daarvan verrichte transacties zo worden geherdefinieerd dat de situatie wordt hersteld zoals die zou zijn geweest zonder de transacties die dit misbruik vormen. Het voordeel dat door misbruik wordt verkregen, dient te worden weggenomen/hersteld. Hierbij is het uitgangspunt dat de herdefiniëring niet verder mag gaan dan nodig is voor de juiste heffing van omzetbelasting. Uit het arrest van het HvJ EU van 22 december 2010, Weald Leasing Ltd, C-103/09, ECLI:EU:C:2010:804 volgt dat indien de contractvoorwaarden het misbruik opleveren, die voorwaarden moeten worden gewijzigd dan wel buiten toepassing moeten worden gelaten. **15.** De contractvoorwaarden die in dit geval het belastingvoordeel teweeg brengen zijn de overdracht van de auto aan [DGA] tegen een kunstmatig lage vergoeding, gecombineerd met de materiële bevoordeling (de verkapte dividenduitkering) door [Holding B.V.] van [DGA] . Verweerder heeft ter zitting onweersproken gesteld dat [DGA] zijn aanspraak op de verkapte dividenduitkering heeft prijsgegeven in verband met het verkrijgen van de auto. Zoals volgt uit wat hiervoor bij 14 is overwogen, dienen deze contractvoorwaarden zodanig te worden geherdefinieerd dat het misbruik wordt weggenomen en op [DGA] als eindgebruiker de beoogde btw-heffing drukt. Daartoe dient de vergoeding te worden gewijzigd naar een waarbij rekening wordt gehouden met wat [DGA] daadwerkelijk heeft opgeofferd voor de verkrijging van de auto. Daartoe dient de verkapte dividenduitkering mede als vergoeding voor de levering van de auto aan [DGA] te worden aangemerkt. Dat Nederland artikel 80 van de Btw-richtlijn niet heeft geïmplementeerd, staat naar het oordeel van de rechtbank niet eraan in de weg dat in het kader van misbruik van recht herdefiniëring leidt tot een correctie van de vergoeding. ---- ====4. Literatuur==== ----