Table of Contents

Rechtszekerheid


1. Aantekeningen

1.1 Grote hoeveelheid jurisprudentie HvJ


1.2 Rechten en plichten kunnen kennen

Salomie en Oltean
HvJ 9 juli 2015, zaak C-183/14, Radu Florin Salomie en Nicolae Vasile Oltean tegen Direcția Generală a Finanțelor Publice Cluj, ECLI:EU:C:2015:454

Salomie en Oltean, r.o. 31 32

31 As the Court has held on numerous occasions, it follows, inter alia, that EU legislation must be certain and its application foreseeable by those who are subject to it. That requirement of legal certainty must be observed all the more strictly in the case of rules liable to entail financial consequences, in order that those concerned may know precisely the extent of the obligations which those rules impose on them (judgment in Ireland v Commission, 325/85, EU:C:1987:546, paragraph 18).

32. Voorts moeten op de door het Unierecht bestreken gebieden de rechtsregels van de lidstaten ondubbelzinnig zijn geformuleerd, zodat de betrokkenen op duidelijke en nauwkeurige wijze hun rechten en plichten kunnen kennen en de nationale rechter in staat is, de eerbiediging ervan te verzekeren (zie arrest Commissie/Italië, 257/86, EU:C:1988:324, punt 12).


1.3 Rechtszekerheid - duidelijke regelgeving

Conclusie van Advocaat-Generaal Ettema van 29 december 2023, nr. 23/01996, ECLI:NL:PHR:2023:1219

9. 12 Het rechtszekerheidsbeginsel staat niet eraan in de weg dat een bepaling pas na uitleg door de rechter leidt tot voldoende zekerheid voor belastingplichtigen.


In gelijke zin: concl. A-G Campos Sánchez-Bordona 11 februari 2021, Jumbocarry Trading, C-39/20, ECLI:EU:C:2021:120, punt 90. Ik maak in dit verband naar analogie een vergelijking met het strafrechtelijke legaliteitsbeginsel. Ook met betrekking tot dat beginsel vormt het geen obstakel dat een bepaling eerst interpretatie door de rechterlijke instanties vereist, alvorens het voor burgers duidelijk is welke handelingen leiden tot strafrechtelijke aansprakelijkheid. Vergelijk in dit verband: HvJ 3 juni 2008, Intertanko e.a., C308/06, ECLI:EU:C:2008:312 (conclusie A-G Kokott), punt 71 en de aldaar aangehaalde rechtspraak van het EHRM. Als de eis van voorafgaande rechterlijke interpretatie binnen het strafrecht geen obstakel vormt, is dit mijns inziens met betrekking tot het rechtszekerheidsbeginsel buiten het strafrecht evenmin problematisch.


1.4 Relevantie administratieve praktijken

SALIX Grundstücks-Vermietungsgesellschaft, C-102/08 en DSR, C-218/21

Aangezien de bepalingen van een richtlijn moeten worden uitgevoerd met een onbetwistbare dwingende kracht en met de vereiste specificiteit, nauwkeurigheid en duidelijkheid, kan een lidstaat zich niet zonder meer beroepen op administratieve praktijken, die naar hun aard volgens goeddunken van de overheid kunnen worden gewijzigd en waaraan onvoldoende bekendheid is gegeven, om aan te tonen dat een bepaling van de btw-richtlijn op grond waarvan een verlaagd btw-tarief op een categorie diensten mag worden toegepast, selectief is omgezet (zie in die zin arrest van 4 juni 2009, SALIX Grundstücks-Vermietungsgesellschaft, C-102/08, EU:C:2009:345, punten 42 en 43 en aldaar aangehaalde rechtspraak).


1.5 Vertrouwen op wettelijke bepalingen

Grundstücksgemeinschaft Kollaustraße< C-9/20, Conclusie AG Tanchev, para.36
(…)Zoals het Hof heeft vastgesteld in de arresten Denkavit International(22) en Gaz de France – Berliner Investissement(23): „[Wettelijke bepalingen] zijn immers bestemd voor de justitiabelen die overeenkomstig de vereisten van het rechtszekerheidsbeginsel op de inhoud ervan moeten kunnen afgaan.”


1.6 Geen beroep op rechtszekerheidsbeginsel mogelijk in geval van fraude


2. Regelgeving


3. Jurisprudentie

—-

4. Literatuur