Table of Contents

Vertrouwensbeginsel


1. Aantekeningen

1.1 Vertrouwen op beleidsbesluit


1.2 Geen vertrouwen op algemeen verbindend voorschrift


1.3 Vertrouwen ontlenen aan boekenonderzoek


1.4 Geen beroep op vertrouwensbeginsel mogelijk in geval van fraude


2. Regelgeving


3. Jurisprudentie

3.1 HvJ

23. Dienaangaande zij eraan herinnerd, dat in het kader van de procedure wegens niet-nakoming de exacte inhoud van de verplichtingen van de lidstaten in geval van onenigheid over de uitlegging kan worden bepaald (arrest van 14 december 1971, Commissie/Frankrijk, 7/71, Jurispr. blz. 1003, punt 49), en dat die procedure berust op de objectieve vaststelling van de niet-nakoming door een lidstaat van de krachtens het Verdrag of een handeling van afgeleid recht op hem rustende verplichtingen (zie met name arrest van 1 oktober 1998, Commissie/Spanje, C-71/97, Jurispr. blz. I-5991, punt 14).

24. Bovendien zij eraan herinnerd, dat het vertrouwensbeginsel, dat het rechtstreekse uitvloeisel is van het rechtszekerheidsbeginsel, in het algemeen wordt aangevoerd door particulieren (marktdeelnemers) bij wie de overheid een gewettigd vertrouwen heeft opgewekt en niet door een regering kan worden ingeroepen om zich te onttrekken aan de gevolgen van een beslissing van het Hof waarbij de ongeldigheid van een communautaire handeling is vastgesteld (arrest van 19 september 2000, Ampafrance et Sanofi, C-177/99 en C-181/99, nog niet gepubliceerd in de Jurisprudentie, punt 67).

25. Gelet op het voorgaande moet worden beklemtoond, dat het vertrouwensbeginsel in een geval als het onderhavige niet door een lidstaat kan worden ingeroepen om de objectieve vaststelling van de niet-nakoming van de krachtens het Verdrag of een handeling van afgeleid recht op hem rustende verplichtingen te verhinderen, aangezien aanvaarding van deze rechtvaardigingsgrond zou indruisen tegen het doel van de procedure van artikel 169 van het Verdrag (zie in die zin arresten van 11 juni 1985, Commissie/Ierland, 288/83, Jurispr. blz. 1761, punt 22, en 24 september 1998, Commissie/Frankrijk, C-35/97, Jurispr. blz. I-5325, punt 45).

26. Het beroep van het Koninkrijk Spanje op eerbiediging van het vertrouwensbeginsel staat er dus hoe dan ook niet aan in de weg, dat in casu de niet-nakoming door deze lidstaat wordt vastgesteld.

3.2 HR


3.3 Schijn van standpuntbepaling

4.8. De Hoge Raad heeft in het Boekenclub-arrest geoordeeld dat sprake kan zijn van een schijn van een standpuntbepaling bij een boekenonderzoek indien een aangelegenheid dusdanig pregnant aanwezig is dat deze niet aan de aandacht van de controleambtenaar kan zijn ontsnapt, deze aangelegenheid aanleiding zou moeten geven kritische opmerkingen te maken of tot naheffing over te gaan en niet is overgegaan tot het maken van opmerkingen of tot naheffing.

Zie: Hoge Raad 18 december 1991, ECLI:NL:HR:1991:BH8148.


3.4 Schadevergoeding bij niet kunnen honoreren (Unierechtelijk) vertrouwensbeginsel


3.5 Vertrouwen op website belastingdienst


3.6 Uitlegging beleidsbesluiten


3.7 Vertrouwen op ongepubliceerde kennisgroepstandpunten


3.8 Verschil goedkeurend / interpretatief beleid


4. Literatuur