Table of Contents
Platformfictie
1. Aantekeningen
From: Joel de Vries (NL) joel.de.vries@pwc.com Sent: 29 April 2025 6:13 PM To: Simon Cornielje (NL) simon.cornielje@pwc.com; Ad van Doesum (NL) ad.van.doesum@pwc.com Subject: Kennisgroepstandpunt platformfictie dropshipping
Dag heren,
Dit kennisgroepstandpunt is afgelopen vrijdag gepubliceerd: https://kennisgroepen.belastingdienst.nl/publicaties/kg21020257-platformfictie/https://kennisgroepen.belastingdienst.nl/publicaties/kg21020257-platformfictie/.
In het kort: een NL dropshipper exploiteert een webwinkel, zodra particulieren daar een bestelling plaatsen bestelt hij deze spullen via een non-EU platform (zeg Temu of Ali) bij een non-EU ondernemer. Volgens dit standpunt is de platformfictie niet van toepassing op Temu omdat dit geen afstandsverkoop is: de NL dropshipper is immers ondernemer. Dus in plaats daarvan een directe levering van non-EU ondernemer aan de dropshipper, btw-belast in NL obv art. 5(2) Wet OB (en een daaropvolgende lokale levering). Temu dus niet betrokken, geen IOSS.
De kern zit ‘m volgens mij in aritkel 5 quinquis (b) van de Btw-uitvoeringsverordening, daarin staat dat Temu de koper (lees: dropshipper) als niet-belastingplichtige beschouwt tenzij hij over tegengestelde informatie beschikt. Temu beschikt volgens de fiscus over tegengestelde informatie omdat de dropshipper via specifieke webwinkel-software bestelt naar een veelvoud aan verschillende verzendadressen. De vraag is of dit wordt bedoeld met ‘tegengestelde informatie’, Explanatory Notes doen mij vermoeden dat dit standpunt te streng is:

