Site Tools


rechtslagen:toetsing_aan_verdrag

Toetsing aan verdrag

1. Aantekeningen

1.1 (On)volledige harmonisatie

  • Bij volledige harmonisatie lijkt het NIET mogelijk een nationale regeling te toetsen aan primair EU recht (vgl. Radlberger)
  • Bij onvolledige harmonisatie lijkt het WEL mogelijk een nationale regeling te toetsen aan primair EU recht (Conclusie van AG Ettema van 28 juli 2023, nr. 21/02456, ECLI:NL:PHR:2023:700)
  • Bij volledige én bij onvolledige harmonisatie lijkt het WEL mogelijk secundair EU recht te toetsen aan primair EU recht (Conclusie van AG Ettema van 28 juli 2023, nr. 21/02456, ECLI:NL:PHR:2023:700)

1.2 Rechtstreekse werking overeenkomst Unie - Derde land

  • Hof Amsterdam, 11 mei 2023, 21/01830 tot en met 21/01840
    4.1 I. Bij de beoordeling van de grief stelt het Hof voorop dat een bepaling van een door de Unie met een derde staat gesloten overeenkomst rechtstreekse werking heeft wanneer zij, gelet op haar bewoordingen en op het doel en de aard van de overeenkomst, een duidelijke en nauw keurig omschreven verplichting inhoudt en voor de uitvoering en werking daarvan geen verdere handeling is vereist (zie de arresten van het Hof van Justitie van 30 september 1987, Demirel, 12/86. ECLI:EU:C:1987:100, en van 20 september 1990, Sevince, C-192/89. ECLI:EU:C:1990:322). Geen reden bestaat deze regel niet van toepassing te achten op het Terugtrekkingsakkoord. zelfs al is dat gesloten voor de terugtreding van het VK uit de EU.

2. Regelgeving


3. Jurisprudentie

  • HvJ EG 29 april 2004, nr. C-387/01 (Weigel en Weigel), r.o. 43
    Alvorens na te gaan of de heffing van een belasting met de kenmerken van de basis-NoVA de artikelen 39 EG en 12 EG schendt, moet deze maatregel worden getoetst aan de bepalingen van richtlijn 83/183. Zoals de Commissie van de Europese Gemeenschappen heeft opgemerkt, hoeft immers niet te worden onderzocht of eventueel sprake is van schending van deze verdragsbepalingen wanneer een bepaling van genoemde richtlijn zich er reeds tegen verzet dat een heffing zoals de basis-NoVA wordt toegepast op personen die zich in dezelfde situatie bevinden als de echtelieden Weigel.
  • HvJ EG 29 april 2004, nr. C-387/01 (Weigel en Weigel), r.o. 57
    Artikel 12 EG, waarin het algemene beginsel van non-discriminatie op grond van nationaliteit is neergelegd, kan slechts autonoom worden toegepast in onder het gemeenschapsrecht vallende situaties waarvoor het Verdrag niet in bijzondere discriminatieverboden voorziet (zie arresten van 26 november 2002, Oteiza Olazabal, C-100/01, Jurispr. blz. I-10981, punt 25, en 11 december 2003, AMOK, C-289/02, Jurispr. blz. I-00000, punt 25).

4. Literatuur

  • Feteris, Beroep in cassatie in belastingzaken, blz. 92
    Gaat het om een verdragsbepaling die niet als eenieder verbindend is aan te merken, 247 dan kan volgens een arrest uit 1968 in cassatie niet over de schending daarvan worden geklaagd. 248 De praktische betekenis daarvan lijkt beperkt. De HR mag namelijk wel beoordelen of al dan niet sprake is van een verdragsbepaling die eenieder verbindend is. 249 Is daarvan geen sprake, dan zal een beroep op zo’n bepaling als regel op die grond moeten worden afgewezen. Of de uitleg van die bepaling zich leent voor toetsing in cassatie speelt dan geen rol

rechtslagen/toetsing_aan_verdrag.txt · Last modified: by avdoesum