Table of Contents
Beheer van gemeenschappelijke fondsen
Aantekeningen
<wrap em>Hamvraag: wanneer ligt het beleggingsrisico nou bij de leden van het fonds? Hoe stel je vast wie het beleggingsrisico loopt?</wrap>
Doel vrijstelling: gelijke behandeling rechtstreeks beleggen in effecten en via gemeenschappelijk beleggingsfonds beleggen in effecten –> Ratio gaat niet op bij pensioenfondsen?
ICBE = Gemeenschappelijk beleggingsfonds
- Pensioenfonds met ICBE status, = Gemeenschappelijk beleggingsfonds
- Pensioenfonds dat dezelfde handelingen verricht als ICBE = Gemeenschappelijk beleggingsfonds
- Pensioenfonds dat zodanig vergelijkbaar is met ICBE dat het concurreert met ICBE = Gemeenschappelijk beleggingsfonds
ATP 50 en 51
Dictum: 1. Gefinancierd door pensioenontvangers 2. Spaargeld wordt belegd volgens beginsel van risicospreiding 3. Beleggingsrisico wordt gedragen door de leden van het pensioenfonds
NLFiscaal Uit de jurisprudentie van het HvJ kan worden afgeleid dat het beheer van pensioenfondsen met een defined-benefitregeling niet is vrijgesteld van btw, terwijl het beheer van pensioenfondsen met een defined-contributionregeling wel is vrijgesteld van btw. Onder die laatste categorie vallen ook de zogenoemde Premie Pensioen Instellingen (PPI’s). In de nationale jurisprudentie zijn een aantal uitspraken gedaan over de vrijstelling voor het beheer van pensioenfondsen. In de praktijk kennen dergelijke fondsen een pensioenregeling die het midden houdt tussen een defined-benefit- en een defined-contributionregeling. Het is aan de rechter om te beoordelen of het beleggingsrisico van die specifieke regeling in voldoende mate bij de deelnemers ligt om het beheer ervan vrijgesteld te doen zijn.
NLFiscaal In de uitspraak van 5 december 2014 oordeelde Hof Den Haag30 dat een bedrijfstakpensioenfonds niet als kwalificerend beleggingsfonds kan worden aangemerkt. Het beleggingsrisico lag in onvoldoende mate bij de deelnemers. De Hoge Raad volgde de uitspraak van Hof Den Haag in zijn uitspraak van 9 december 2016.31 Van belang is volgens de Hoge Raad dat de hoogte van de pensioenuitkeringen voor de deelnemers in onvoldoende mate afhankelijk is van het beleggingsresultaat. In deze zin kan ook worden verwezen naar de uitspraak van Rechtbank Noord-Holland van 8 april 2020.32
Regelgeving
Jurisprudentie
K (C‑58/20) en DBKAG (C‑59/20)
51 Werkzaamheden die niet specifiek zijn voor de activiteit van een gemeenschappelijk beleggingsfonds, maar inherent zijn aan elk soort van belegging, vallen daarentegen niet binnen de werkingssfeer van dit begrip „beheer” van een gemeenschappelijk beleggingsfonds (zie in die zin arrest van 9 december 2015, Fiscale Eenheid X, C‑595/13, EU:C:2015:801, punt 78).
48 In casu zijn partijen in het hoofdgeding het erover eens dat de dienst in kwestie is ontwikkeld om beleggingen van uiteenlopende aard te beheren en met name dat deze dienst zonder onderscheid kan worden gebruikt voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen en van andere fondsen. Die dienst kan dus niet worden geacht specifiek te zijn voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen.
Literatuur
- Ugurcan Boy en Gert-Jan van Norden, Quoi? Meer vragen dan duidelijkheid na conclusie A-G HvJ in btwpensioenfondszaken, PensioenMagazine 2024/64
- L.S. Wu en R.P. Nguyen, De pensioenpremie btw-puzzel: past de verzekeringsvrijstelling nog?, WFR 2026/67
